lieke

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Limburgs

Uitspraak
  • IPA: /ˈliːkɐ/ (Etsbergs)
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
lieke
leek
geleke
klasse 1 volledig

Werkwoord

lieke

  1. lijken
    «'t Liek waal zoea, mer 'd is anges.»
    Het lijkt wel zo, maar het is anders.
  2. schijnen
    «'t Liek zoea tö zeen det hie 'ne nuuje waeg kömp.»
    Het schijnt zo te zijn dat hier een nieuwe weg komt.