libertair
Uiterlijk
- li·ber·tair
- afgeleid van het Franse libertaire met het achtervoegsel -air
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | libertair | libertairder | libertairst |
| verbogen | libertaire | libertairdere | libertairste |
| partitief | libertairs | libertairders | - |
libertair
- (filosofie) gericht op volkomen maatschappelijke vrijheid
- Het woord libertair staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "libertair" herkend door:
| 72 % | van de Nederlanders; |
| 78 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be