leverde op
Uiterlijk
- Geluid: leverde op (hulp, bestand)
- le·ver·de op
| vervoeging van |
|---|
| opleveren |
leverde op
- enkelvoud verleden tijd van opleveren
- Ik leverde op.
- Jij leverde op.
- Hij, zij, het leverde op.
- Het leverde hem in 1981 zeventien zetels op, waardoor een nieuw kabinet van CDA en VVD onmogelijk werd. Na opnieuw een zeer moeizame formatie ging D66 regeren met CDA en PvdA. Terlouw werd vicepremier.
- Ik leverde op.
- Het woord leverde op staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.