leiplaat

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

leiplaat
Uitspraak
Woordafbreking
  • lei·plaat
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord leiplaat leiplaten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

leiplaat v/m

  1. dit zwaar stuk leisteen dat men gebruikt voor het maken van biljarttafels

Gangbaarheid

74 % van de Nederlanders;
76 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be