legio

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • le·gio
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘zeer talrijk’ voor het eerst aangetroffen in 1637 [1]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen legio
verbogen

Bijvoeglijk naamwoord

legio

  1. talloos
    • Hij had legio mogelijkheden om zich nuttig te maken. 


Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders;
90 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen