legging

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

vrolijk gekleurde legging
Uitspraak
Woordafbreking
  • leg·ging
Woordherkomst en -opbouw
  • van het Engels [1]
#1 enkelvoud meervoud
naamwoord legging leggings
verkleinwoord
#2 enkelvoud meervoud
naamwoord legging leggingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

legging m

  1. (kleding) een broek van fijn gebreide stof, die strak om het lichaam heen zit. Op straat worden ze vrijwel alleen door vrouwen gedragen, maar op sportgebied worden ze door zowel mannen als vrouwen gedragen.
    • Familie Kruys-actrice Elise Schaap kan zichzelf niet meer beheersen. Dochtertje Ava (2) kreeg een legging met konijntjesmotief, T-shirt met beesten in de jungle-motief en een speldje van een vogeltje in het haar. Het 'doorcombineren' van het dierenthema loopt uit de hand. [2] 
    • 'Ik ben niet zo excessief in mijn stijl. Dus is er weinig ruimte om te blunderen. Ik herinner me wel een outfit die ik regelmatig aandeed, waarvan ik nu denk dat hij misschien wat raar moet geoogd hebben: een blauw shortje van Adidas, een fifties topje van Pucci en schoenen die er helemaal niet op pasten. Maar dat was in New York en daar zijn ze vreemde combinaties wel gewoon. En toen ik zwanger was droeg ik om één of andere reden leggings tot onder de knie.'[3]  
  2. het neerleggen van iets
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl
  2. Tubantia Suzanne Borgdorff en Tom Tates 19-07-2017
  3. De Standaard 14/06/2017 Kim De Craene