lef

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lef
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord lef -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

lef o of m

  1. (Jiddisch-Hebreeuws) durf, branie, moed
    Je moet het lef maar hebben!
Anagrammen
Verwijzingen
Vertalingen