Naar inhoud springen

leeuwenmoed

Uit WikiWoordenboek
  • leeu·wen·moed
enkelvoud meervoud
naamwoord leeuwenmoed -
verkleinwoord - -

deleeuwenmoedm

  1. grote dapperheid
     De levensliefde en leeuwenmoed van pleegouders halen de media niet, maar ze mogen weleens nadrukkelijk geprezen worden.[2]
     De Streif geldt voor skiërs als de hel op aarde. Wie op 1.665 meter hoogte bijna loodrecht over 3,3 kilometer naar beneden stort, heeft leeuwenmoed, misschien te veel.[3]
  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 juni 2021 Weblink bron “Pleegouders: ze vragen geen aandacht, ze geven alleen maar” (20 april 2017) op nrc.nl op Wikipedia
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 juni 2021 Weblink bron
    Henk Stouwdam
    “Een genie op ski’s” (21 januari 2017) op nrc.nl op Wikipedia