lastigvallen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • las·tig·val·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
lastigvallen
viel lastig
lastiggevallen
klasse 7 volledig

Werkwoord

lastigvallen

  1. overgankelijk op hinderlijke wijze iemands aandacht opeisen
    • Hij werd vaak lastiggevallen. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.