larie
Uiterlijk
- la·rie
- Leenwoord uit het ?, in de betekenis van ‘onzin’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1787 [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | larie | - |
| verkleinwoord | - | - |
de larie v
- Het woord larie staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "larie" herkend door:
| 95 % | van de Nederlanders; |
| 97 % | van de Vlamingen.[3] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "larie" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
“Vragen en Antwoorden Belgische Senaat” (28 juli 2004) - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be