Naar inhoud springen

landbezitter

Uit WikiWoordenboek
  • land·be·zit·ter
enkelvoud meervoud
naamwoord landbezitter landbezitters
verkleinwoord

delandbezitterm [1]

  1. persoon die de eigenaarsrechten bezit van een stuk land
     Enkele dagen later - op 8 juli - zou Joey een taxi hebben genomen naar de stad Adana, die op ruim twee uur rijden van Silifke ligt. Diezelfde dag wordt hij nog gezien door de Turkse eigenaar van het land waarop Bjorn en Derya een huis wilden bouwen. Volgens de landbezitter hebben de drie ruzie.[2]
     Overigens meldt de Argentijnse website dat kapitaalkrachtige landbezitters in Río Negro dit soort verbeteringen aan hun eigendommen nooit aangeven bij de overheid.[3]
  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Bronlink geraadpleegd op 3 april 2024 Weblink bron “Wat we weten over de zaak van het drietal uit Haaksbergen in Turkije” (14 augustus 2017, 14:42), NOS
  3. Bronlink geraadpleegd op 3 april 2024 Weblink bron
    Jan Hoedeman en Jeroen Schmale
    “Politiek wil opheldering over Argentijnse berichten rond belastingontduiking Máxima” (29-01-2019), Tubantia