laaft

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • laaft

Werkwoord

vervoeging van
laven

laaft

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van laven
    • Jij laaft. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van laven
    • Hij laaft. 
  3. verouderde gebiedende wijs meervoud van laven
    • Laaft! 


Pennsylvania-Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • laaft

Werkwoord

laaft

  1. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van laafe
Opmerkingen

laaft

  1. tweede persoon meervoud tegenwoordige tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van laafe
    • dihr / der / ihr / er laaft 
Schrijfwijzen
Opmerkingen