kwartuur

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kwart·uur
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kwartuur kwarturen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

kwartuur o

  1. periode van 15 minuten
    • In de kraamkliniek hadden we vaak maar een kwartuur en kwamen we pas bij het thuisbezoek twee weken later soms voor onaangename verrassingen te staan.’ [1] 
Synoniemen

Gangbaarheid

50 % van de Nederlanders;
78 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. De Standaard 17/03/2018 om 09:00 door Jens Vancaeneghem Kind & Gezin komt nu al voor de geboorte langs