kvinna

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Faeröers

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse zelfstandige naamwoord kvæna

Zelfstandig naamwoord

kvinna, v

  1. (maatschappij) vrouw


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • kvin·na
Naar frequentie 33547

Zelfstandig naamwoord

kvinna

  1. nominatief bepaald vrouwelijk enkelvoud van kvinne
Schrijfwijzen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • kvin·na

Zelfstandig naamwoord

kvinna

  1. nominatief bepaald vrouwelijk enkelvoud van kvinne

Zelfstandig naamwoord

kvinna

  1. verouderde spelling of vorm van kvinne van vóór 2012
(onbepaalde vrouwelijke vorm nominatief enkelvoud van kvinne)


Oudnoords

Woordafbreking
  • kvin·na
v
zwak
enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   kvinna         kvinnur        
genitief   kvinnu         kvinna        
datief   kvinnu         kvinnum        
accusatief   kvinnu         kvinnur        

Zelfstandig naamwoord

kvinna, v

  1. vrouw
Synoniemen




Zweeds

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse zelfstandige naamwoord kvæna
Naar frequentie 360
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   kvinna     kvinnan     kvinnor     kvinnorna  
genitief   kvinnas     kvinnans     kvinnors     kvinnornas  

Zelfstandig naamwoord

kvinna, g

  1. (maatschappij) vrouw