kroning
Uiterlijk
- kro·ning
- Naamwoord van handeling van kronen met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kroning | kroningen |
| verkleinwoord | kroninkje | kroninkjes |
de kroning v
- ceremonie waarbij een kroon op het hoofd van een vorst, meestal een keizer of koning, wordt geplaatst
- De kroning is in Nederland vervangen door de "inhulding".
- Het woord kroning staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "kroning" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 96 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
kroning g
- kroning in: Det Danske Sprog- og LitteraturselskabDen Dankse Ordbog
op website:ordnet.dk
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -ing in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 96 %
- Woorden in het Deens
- Woorden in het Deens van lengte 7
- Zelfstandig naamwoord in het Deens