krentenweger

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Scrooge (in de stoel) als archetype van de krentenweger
Uitspraak
Woordafbreking
  • kren·ten·we·ger
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord krentenweger krentenwegers
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

krentenweger m

  1. (persoon) te zuinig, gierig mens
    • HET DUURSTE papier, onbetaalbaar ballonlinnen en de beste ontwerper. Bij de uitvoering van zijn luxe-reeksen keek uitgever G.A. van Oorschot niet op een paar centen, hoewel hij toch de reputatie had in menig opzicht een krentenweger te zijn.
      [1]
       
  2. (persoon) kille rekenaar
    • „Ik vind het leven veel rijker en complexer dan mijn verzinsels. Ik wil drama niet uitvergroten, maar juist al het vet van het vlees snijden. Zeelieden als martelaars, piraten als beesten, de CEO als een kille krentenweger: dat is toch oninteressant? Als filmmaker voel ik me een dwerg op de schouders van Ken Loach en de gebroeders Dardenne.”[2] 
  3. (pejoratief) (handel) kruidenier
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

87 % van de Nederlanders;
73 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. Volkskrant HUB. HUBBEN 1 december 1995
  2. NRC