krenking
Uiterlijk
- kren·king
- Naamwoord van handeling van krenken met het achtervoegsel -ing.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | krenking | krenkingen |
| verkleinwoord | krenkinkje | krenkinkjes |
de krenking v
- daad of uitlating die krenkend bedoeld is of zo overkomt
- Dat is een krenking op zich.
- affront, belediging, insult (2)
- Het woord krenking staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "krenking" herkend door:
| 80 % | van de Nederlanders; |
| 71 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be