kreeg

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kreeg

Werkwoord

vervoeging van
krijgen

kreeg

  1. enkelvoud verleden tijd van krijgen
    • Ik kreeg. 
    • Jij kreeg. 
    • Hij, zij, het kreeg. 

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.