krakken

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • krak·ken

Zelfstandig naamwoord

krakken mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord krak

Gangbaarheid

69 % van de Nederlanders;
73 % van de Vlamingen.