kortheidshalve

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kort·heids·hal·ve
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

kortheidshalve

  1. om het kort te houden
    • Kortheidshalve vermeld ik alleen de belangrijkste zaken. 

Gangbaarheid