koprollen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kop·rol·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
koprollen
koprolde
gekoprold
zwak -d volledig

Werkwoord

koprollen

  1. onovergankelijk een koprol maken
Afgeleide begrippen

Zelfstandig naamwoord

koprollen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord koprol

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.