koosnaam

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • koos·naam
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘liefkozende benaming’ voor het eerst aangetroffen in 1984 [1]
  • samenstelling van  koos ww  en  naam  
enkelvoud meervoud
naamwoord koosnaam koosnamen
verkleinwoord koosnaampje koosnaampjes

Zelfstandig naamwoord

koosnaam m

  1. niet-officiële naam om genegenheid uit te drukken
    • Mijn vriendin had een koosnaam voor me bedacht. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen