koolkit

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

koolkit
Uitspraak
Woordafbreking
  • kool·kit
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord koolkit koolkitten
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

koolkit v/m

  1. (techniek) (huishouden) ijzeren bak waarin men kolen kan bewaren en in de kachel gooien

Gangbaarheid

42 % van de Nederlanders;
53 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be