koolhaas

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kool·haas
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord koolhaas koolhazen
verkleinwoord koolhaasje koolhaasjes

Zelfstandig naamwoord

koolhaas m / o [1]

  1. haas die graag een kooltje (Brassica) verschalkt

Gangbaarheid

73 % van de Nederlanders;
67 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen