kookwinkel
Uiterlijk
- Geluid: kookwinkel (hulp, bestand)
- kook·win·kel
- samenstelling van koken ww en winkel zn
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kookwinkel | kookwinkels |
| verkleinwoord | kookwinkeltje | kookwinkeltjes |
de kookwinkel m
- (handel) vorm van detailhandel gespecialiseerd in de verkoop van artikelen die zijn gerelateerd aan koken en de gastronomie in het algemeen, met name keukengerei
- ▸ Mijn enige stop is nu nog De Kookwinkel, want ik wil snel nog een cadeautje scoren.[1]
- ▸ Is er een Griekse mythe voor het verlangen dat je, zoals Oedipus, niet met je moeder maar met je schóónmoeder naar bed zou willen? In De Kookwinkel zie ik de langwerpige rasp liggen van meer dan honderdtwintig euro, maar dan heb je wel een stuk gereedschap dat is ontworpen door Rodrigo Otazu.[1]
- Het woord kookwinkel staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- 1 2 Ronald Giphart e.a.“Een familie en een Griekse god” (2023), The House of Books, ISBN 9789044366471