kookles

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kook·les
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kookles kooklessen
verkleinwoord kooklesje kooklesjes

Zelfstandig naamwoord

kookles v/m

  1. (onderwijs) (kookkunst) les om te leren koken
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.