kookgerief

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kook·ge·rief
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kookgerief
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

kookgerief o

  1. gereedschap om mee te koken
    • Als je veel van koken houdt dan is werken met goed kookgerief een echt feest. 
Synoniemen
  1. kookgerei

Gangbaarheid