kookclub

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kook·club
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kookclub kookclubs
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

kookclub v / m

  1. (kookkunst) club waarin wordt gekookt

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.