kloosteroverste

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kloos·ter·over·ste
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kloosteroverste kloosteroversten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

kloosteroverste v / m

  1. (beroep) (religie) geestelijke die leiding geeft aan een instelling waarbinnen mensen zich terugtrekken om een godsdienstig leven te leiden
    • Na acht jaar werd hij in 2002 benoemd tot kloosteroverste in de priorij van de abdij in Hierden. [2]
Hyponiemen

Gangbaarheid

Verwijzingen