klittenband

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • klit·ten·band
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord klittenband klittenbanden
verkleinwoord klittenbandje klittenbandjes

Zelfstandig naamwoord

klittenband o

  1. een sluiting van aan elkaar klevend materiaal, wat betrekkelijk gemakkelijk losgemaakt kan worden
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders
95 % van de Vlamingen.

Meer informatie