klewang
Uiterlijk

- kle·wang
- Leenwoord uit het Indonesisch, in de betekenis van ‘kort, breed zwaard’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1768 [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | klewang | klewangs |
| verkleinwoord | klewangetje | klewangetjes |
de klewang m
- (militair) een kort Indonesisch zwaard geschikt voor man-tot-mangevechten
- Van Heutsz stelde de klewang verplicht voor zijn soldaten.
- Het woord klewang staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "klewang" herkend door:
| 42 % | van de Nederlanders; |
| 8 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ "klewang" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Militair in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 42 %
- Prevalentie Vlaanderen 8 %