kinderschrik
Uiterlijk

- kin·der·schrik
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kinderschrik | - |
| verkleinwoord | kinderschrikje | kinderschrikjes |
- eertijds door ouders bedachte boeman om hun kinderen mee te dreigen en ze op die manier tot gehoorzaamheid te brengen
1.
- Het woord kinderschrik staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.