kinderhand

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kin·der·hand
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kinderhand kinderhanden
verkleinwoord kinderhandje kinderhandjes

Zelfstandig naamwoord

kinderhand v / m [2]

  1. hand van een kind
    • een kinderhand is gauw gevuld werd vroeger wel gezegd maar het is niet zeker of dit nog steeds geldt 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen