kerstgedicht
Uiterlijk
- kerst·ge·dicht
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kerstgedicht | kerstgedichten |
| verkleinwoord | kerstgedichtje | kerstgedichtjes |
het kerstgedicht o
- (kerst) (dichtkunst) een gedicht met als thema het kerstfeest
- Op de kerstkaart stond een komisch kerstgedicht.