kernoorlog

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kern·oor·log
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kernoorlog kernoorlogen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

kernoorlog m [1]

  1. een oorlog waarin beide strijdende partijen kernwapens gebruiken
    • Voormalig Sovjet-officier Stanislav Petrov is één van de weinige mensen die kan zeggen dat hij de wereld heeft gered van de ondergang. Toen in 1983 op het beeldscherm in zijn bunker even buiten Moskou het bericht verscheen dat een golf Amerikaanse kernraketten op weg was naar de Sovjet-Unie, besloot hij de waarschuwing niet door te geven aan zijn superieuren. Petrov vermoedde een computerbug - terecht, zo bleek. Hij voorkwam een Russische nucleaire tegenaanval, en daarmee een kernoorlog. [2] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC Vincent Sondermeijer 4 januari 2017