kerktoonladdertje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kerk·toon·lad·der·tje

Zelfstandig naamwoord

kerktoonladdertje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord kerktoonladder