kerkfabriek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kerk·fa·briek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kerkfabriek kerkfabrieken
verkleinwoord kerkfabriekje kerkfabriekjes

Zelfstandig naamwoord

kerkfabriek v

  1. (religie) een openbare instelling die de materiële middelen beheert, nodig voor de uitoefening van de eredienst in de parochie.
    • De kerkfabriek heeft als opdracht en als taak de eredienst mogelijk te maken. 

Gangbaarheid

55 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be