kepót

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Limburgs

Uitspraak
  • IPA: /kɐˈpot/ (Etsbergs)

Bijvoeglijk naamwoord

kepót

  1. (Hooglimburgs) kapot
  2. (Hooglimburgs) dood (van een dier)
    «Haol mich det kepót paerd èns oete stalle!»
    Haal dat dode paard eens uit de stal!