kennisgeving
Uiterlijk

uit 1941.- ken·nis·ge·ving
- Naamwoord van handeling van kennisgeven met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kennisgeving | kennisgevingen |
| verkleinwoord | kennisgevinkje | kennisgevinkjes |
de kennisgeving v
- dat waarmee je iets bekendmaakt
- In de krant staat een eenmalige kennisgeving van hun huwelijk.
- Het woord kennisgeving staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "kennisgeving" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be