kennenlernte

Uit WikiWoordenboek

Duits

Uitspraak
Woordafbreking
  • ken·nen·lern·te

Werkwoord

kennenlernte

  1. bijzinvorm eerste persoon enkelvoud verleden tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van kennenlernen
  2. bijzinvorm derde persoon enkelvoud verleden tijd aantonende wijs bedrijvende vorm van kennenlernen
  1. bijzinvorm eerste persoon enkelvoud verleden tijd aanvoegende wijs bedrijvende vorm van kennenlernen
  2. bijzinvorm derde persoon enkelvoud verleden tijd aanvoegende wijs bedrijvende vorm van kennenlernen
Schrijfwijzen