keerweg

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • keer·weg
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord keerweg keerwegen
verkleinwoord keerwegje keerwegjes

Zelfstandig naamwoord

keerweg m [1]

  1. doodlopende weg waarop men moet keren om verder te kunnen gaan

Gangbaarheid

73 % van de Nederlanders;
85 % van de Vlamingen.


Verwijzingen