kanonnier

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ka·non·nier
enkelvoud meervoud
naamwoord kanonnier kanonniers
verkleinwoord kanonniertje kanonniertjes

Zelfstandig naamwoord

kanonnier m

  1. een artillerist met een soldatenrang
    • Vroeger waren kanonniers onmisbaar. 

Gangbaarheid

90 % van de Nederlanders;
90 % van de Vlamingen.

Meer informatie