kangoeroewoning
Uiterlijk

- Geluid: kangoeroewoning (hulp, bestand)
- IPA: / ˈkɑŋɣəruˌwonɪŋ / (5 lettergrepen)
- kan·goe·roe·wo·ning
- samenstelling van kangoeroe zn en woning zn , beeldspraak die verwijst naar de manier waarop deze dieren hun jongen geruime tijd bij zich dragen
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | kangoeroewoning | kangoeroewoningen |
| verkleinwoord | - | - |
de kangoeroewoning v
- (bouwkunde) huis dat is uitgebreid met een verblijfseenheid voor een persoon of klein gezin zodat bewoners elkaar eenvoudig dagelijks aandacht kunnen geven
De toegevoegde verblijfseenheid heeft vaak een eigen voordeur en sanitair, maar is vaak ook binnendoor verbonden met de hoofdwoning.- ▸ We kijken nu of we samen met mijn ouders iets kunnen realiseren, bijvoorbeeld in de vorm van een ‘kangoeroewoning’. Zij worden een dagje ouder, dus dan is zo’n woning wel handig. En ze passen ook graag op onze kinderen.[1]
- Het woord kangoeroewoning staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Weblink bron Roel Kremer geciteerd door Liza Titawano“‘Ik ben als sportleraar toevallig de zorg ingerold’” (9 november 2020) op nrc.nl
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 15
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 5 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Bouwkunde in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal