kaaskop

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kaas·kop
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kaaskop kaaskoppen
verkleinwoord kaaskopje kaaskopjes

Zelfstandig naamwoord

kaaskop m

  1. (scheldwoord) een Nederlander.
    • Ik, daarentegen, was een pukkelig meisje met blond vlashaar, een onvervalste kaaskop dus. [1] 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. NRC Rosan Hollak 15 juli 2010 Een onvervalste kaaskop met blond vlashaar