juwelenkistje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ju·we·len·kist·je

Zelfstandig naamwoord

juwelenkistje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord juwelenkist