Naar inhoud springen

joep

Uit WikiWoordenboek
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: Joep


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • joep
Woordherkomst en -opbouw

Tussenwerpsel

joep

  1. bij een plotselinge beweging na het verzamelen van kracht
     Tom zag de back, hij zag Eddy rechts van zich gaan..... joep, een zetje naar rechts, en juist op het laatste moment lag de bal voor Ed's voeten.[2]

Werkwoord

vervoeging van
joepen

joep

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van joepen
    • Ik joep. 
  2. gebiedende wijs van joepen
    • Joep! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van joepen
    • Joep je? 
     Bedankt, zou ik zo'n sproeipompje gewoon bij de sloop uit een auto kunnen haalen?[sic!] (dan joep ik meteen een mooie autoradio).[3]
Opmerkingen
  • Er is ook een zelfstandig naamwoord joepen dat alleen in het meervoud wordt gebruikt.

Gangbaarheid

63 % van de Nederlanders;
41 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Bronlink geraadpleegd op 3 november 2020 Weblink bron “Hoe de Katjangs op de kostschool van Buikie kwamen.”, 3e druk (1952), H.J.W. Becht, Amsterdam, p. 255
  3. Bronlink geraadpleegd op 3 november 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie
    RoyKusters
    “Pompje? : reactie 17:33:53” (3 oktober 2004) op circuitsonline.net
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be