jeugdervarinkje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • jeugd·er·va·rin·kje

Zelfstandig naamwoord

jeugdervarinkje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord jeugdervaring