jetset

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • jet·set
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘groep rijkelui die de toon zetten in het uitgaansleven’ voor het eerst aangetroffen in 1970 [1]
  • samenstelling uit het Engels [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord jetset jetsets
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

jetset m

  1. (sociologie) journalistieke term die vooral in de jaren 50 en 60 van de 20e eeuw werd gebruikt om een internationale groep rijke mensen, die overal ter wereld (vaak in exclusieve oorden) deel namen aan feesten en andere mondaine activiteiten, te omschrijven
    • „De gunfactor is groter geworden voor het koningshuis, schat ik zo in. In één klap is de koning van het jetset-imago af dat door die dure speedboot, paleizen en feestjes toch een beetje aan hem was gaan kleven. Ik denk dat mensen en politici veel minder zullen zeuren over de hoge kosten van het koningshuis, iets waaraan ik overigens zelf graag meedoe. Maar na zo’n interview denk ik: ‘Ach, gun hem toch dat speedbootje nou maar’.”[3] 
    • Als het beeld voor de zoveelste keer je tijdlijn in suist, komt de volgende constatering: bijna niemand is wit. En dat is, op hét feest voor de chroomlaag van de Amerikaanse jetset, een Gegeven. Ook op de rodeloperfoto's van hoofdsponsor Vogue is, afhankelijk van je definitie van wit (is Jennifer Lopez wit? En Gigi Hadid?), zo'n 60 à 65 procent niet-wit. Vergeleken met de verhoudingen in Hollywood en de culturele elite is dat veel. [4]  
Synoniemen
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen