Naar inhoud springen

jap

Uit WikiWoordenboek
  • jap
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘pejoratief voor Japanner’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1926 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord jap jappen
japs
verkleinwoord

dejapm

  1. Japanner
69 %van de Nederlanders;
52 %van de Vlamingen.[2]