janhen
Uiterlijk
- jan·hen
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | janhen | janhennen |
| verkleinwoord | - | - |
de janhen m
- onmannelijke man, pantoffelheld
- Het woord janhen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "janhen" herkend door:
| 17 % | van de Nederlanders; |
| 6 % | van de Vlamingen.[3] |
- ↑ janhen op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be